Metabole Ziekten AMC

MPS3 - Sanfilippo Syndroom

De Ziekte

Patiënten met het Sanfilippo syndroom missen één enzym dat nodig is bij de afbraak van bepaalde stoffen in de lysosomen. Lysosomen zijn onderdelen van de cellen in het lichaam, waarin allerlei stoffen van het eigen lichaam, die niet meer nodig zijn, kunnen worden afgebroken, waarna onderdelen van deze stoffen kunnen worden hergebruikt. Lysosomen "recyclen" dus stoffen van het eigen lichaam.

De stof die bij het Sanfilippo syndroom niet kan worden afgebroken is heparansulfaat. Heparansulfaat behoort tot de mucopolysacchariden, ook wel Glucosaminoglycanen (GAG’s) genoemd. Mucopolysacchariden zijn een soort "slijmerige" suikerketens, die vooral aan de buitenkant van bindweefselcellen (cellen in pezen, gewrichten en huid), maar verder ook in bijna alle andere cellen van het lichaam voorkomen.

afbraak van mucopolysacchariden

A: normale afbraak van mucopolysacchariden
B: stapeling heparansulfaat in lysosomen

Op de figuur hiernaast is bij A de normale afbraak van mucopolysacchariden in de lysosomen van een cel te zien. Op het plaatje is te zien dat mucopolysacchariden (de oranje "stippen op een draadje"), waaronder heparansulfaat, van de buitenkant van de cel in het lysosoom terechtkomen. In het lysosoom worden ze daarna afgebroken. Vervolgens worden de brokstukjes uitgescheiden, waarna ze opnieuw gebruikt kunnen worden door cellen.

Bij de ziekte van Sanfilippo kan één van de mucopolysacchariden (heparansulfaat) niet worden afgebroken. In de lysosomen stapelen zich dan half afgebroken mucopolysacchariden op (plaatje B). De cel kan daarom zijn werk niet goed meer doen.

Er zijn 4 enzymen betrokken bij de afbraak van heparansulfaat en er zijn daarom vier typen ziekte van Sanfilippo; type A t/m D. Het type is afhankelijk van welk enzym precies ontbreekt. Type A komt het meeste voor en daarna type B. Type C en D komen veel minder vaak voor. Het is niet duidelijk of er verschil in ernst of beloop van de ziekte tussen kinderen met de verschillende typen van het Sanfilippo syndroom. Mogelijk is de ziekte bij type A wat ernstiger dan bij de andere typen, maar zeker is dit niet!

De enzymen die patiënten met het Sanfilippo syndroom missen zijn bij type A: heparansulfaat-sulfatase, bij type B: a-N-acetylglucosaminidase, bij type C: acetyl-CoA-a-glucosaminide-N-acetyltransferase en bij type D: N-acetyl-glucosamine-6-sulfaat-sulfatase.

Het heparansulfaat stapelt zich voornamelijk op in de cellen van de hersenen. Als gevolg van deze stapeling ontstaan er ernstige neurologische problemen. Er ontstaan gedragsproblemen, de ontwikkeling komt tot stilstand en de patiënt wordt daarna langzamerhand steeds zieker.

Links een jongen van 10 jaar oud en rechts twee zussen (15 en 17 jaar oud) met de ziekte van Sanfilippo.

metabole ziekten AMC